impression image impression image

Er huist een eigenaardige waarde in je bestaan die zich vaak maar moeilijk bereiken laat. Het heeft te maken met het diepe besef dat je ‘goed bezig bent’. Een soort anker van rust, dat jou vasthoudt wanneer de golven en stromingen om je heen je uit dat midden weg willen rukken. Ik zelf zou willen dat dit anker nog wat steviger was. Ik trek me daarbij op aan mensen die op zo’n volkomen vanzelfsprekende manier doen wat moet worden gedaan. Die een innerlijke overtuiging hebben dat wat ze doen precies dat is wat ze te doen hebben in deze wereld, in dit leven. Ze stralen een rustige zekerheid uit, waarbij ze met vriendelijk mededogen kijken naar degenen die nog ploeteren.

Ik kom hierop omdat ik al een tijdje beweer dat ‘een groen leven’, of een ‘zo groen mogelijk leven’ zijn eigen beloning kent. Ik ken maar al te goed het schipperen met de groene waarden: mijn bereidheid compromissen te sluiten, m’n nek niet al te zeer uit te steken. Ik wil toch graag een beetje in de pas blijven met degenen die het niet zo nauw nemen en met wie je toch goede vrienden wilt blijven. Maar dan zijn er van die mooie heldere mensen die me stapje voor stapje doen bewegen naar de keuzes waarvan ik ook vind, dat ik ze moet doen, dat ze me gelukkiger maken: biologische producten kopen, geen vliegreizen, ja zelfs geen auto. Ook al word je daarover niet meer zo raar aangekeken, normaal is het bepaald nog niet. Het lijkt er op dat je alsmaar afstand aan het doen bent en zo voelt het soms ook. Maar een andere keer kan ik het echt ervaren als een opruiming: zaken weg laten die er voor mij niet toe doen. Dat ik echt steeds meer zo wil gaan leven als ik – in het diepst van mijn gedachten – weet dat goed is voor mij, voor de armen en voor de wereld.

impression image impression image

Ik vind die voorbeelden in eigen land. Bij de biologische boer Sjoerd Miedema. Hij vertelt in de Volkskrant (12 mei 2018) hoe hij eerst stevig gangbaar bezig was: groter worden, meer productie. “Ik haalde de maximale productie van achthonderdduizend liter melk op 40 hectare.” Hij kocht er grond bij om verder te groeien. Maar op die grond mocht hij van de provincie Friesland pas laat maaien om de weidevogels een kans te geven. En verdraaid, toen gebeurde het: “Er kwamen grutto’s op af. Het jongetje in mij, dat vroeger weidevogels zo mooi vond, vond het geweldig. Verdorie, besefte ik, door steeds zo vroeg te maaien waren de weidevogels weg gebleven.” Sjoerd stelde vast dat zijn intensieve boeren niet paste ‘bij zijn hart voor de natuur’. Het werd zijn ommekeer: “Mooi boeren, met een goed gevoel mijn geld verdienen, dat is wat ik nu wil.” En “de snelkookpan waar ik uit ben gestapt werkt ook verder door. Ik ontbijt nu met havermout en mijn koeien haal ik niet meer met de tractor op, maar te paard.”

Prachtig hoe hij beschrijft dat een nieuwe fundamentele keuze doorwerkt in allerlei aspecten van zijn leven. Sjoerd moest – net als ik – een keuze maken tegen de ‘main stream’ in. Dan is het wel erg fijn en ondersteunend als je keuzegenoten hebt of kunt organiseren. Samen sta je sterker om niet weer in ‘de snelkookpan’ terecht te komen.

“Er kwamen grutto’s op af. Het jongetje in mij, dat vroeger weidevogels zo mooi vond, vond het geweldig. Verdorie, besefte ik, door steeds zo vroeg te maaien waren de weidevogels weg gebleven.” - Sjoerd Miedema

impression image impression image

In mondiaal perspectief vorm je een kleine minderheid. Dat is helemaal niet erg. Als het goed is wat je doet, dan zal het zijn werking wel hebben. Toch bekruipt me wel eens het gevoel dat ik meer zou moeten doen om ‘de wereld’ een stapje verder te krijgen op het groene pad. De urgentie is groot genoeg. Maar je moet daar het talent voor hebben. Zelf ben ik er huiverig voor om anderen te willen bekeren. Dan hoop ik maar dat mijn groene voorbeeld anderen aan het denken zet. De motivatie om je leven meer consequent te vergroenen kan toch het beste van binnenuit komen, zoals bij boer Miedema. Daarbij komt mij de aansporing van Franciscus in gedachten, dat de broeders – die zo prachtig evangelische leven – het niet in hun hoofd moeten halen om over anderen te oordelen die er een totaal andere levensstijl op na houden (onder andere de Regel van 1223, hst 2, 17.). En nog sterker. Franciscus schrijft aan een broeder overste die het knap moeilijk heeft met zijn broeders, dat ie niet moet willen dat zijn broeders betere christenen zouden zijn (Brief aan een minister, vers 7.)! Die woorden van Franciscus helpen me om het anker van de vergroening steeds verder te verinwendigen en anderen daarin niet de maat te nemen.

Daarbij kun je natuurlijk goed de support van anderen gebruiken. Die lijkt ook wel onmisbaar wil je geen buitenbeentje worden met een te grote afstand tot ‘de gewone man’. Dan is het prachtig te ontdekken dat er plekken in onze wereld zijn, waar mensen op een vanzelfsprekende manier elkaar steunen in een groene levensstijl. Waar mensen niet opnieuw hoeven te kiezen voor een goed, groen en gezond leven. Waar ze voortbouwen op een manier van leven die bewezen heeft jou en de aarde goed te doen. Demografen Gianni Pes en Michel Poulain onderzochten plaatsen in de wereld waar mensen opvallend langer en gezonder bleken te leven. Ze stelden frappante overeenkomsten in levensstijl vast tussen de inwoners van die plekken en noemden ze de ‘blue zones’. Daarover een volgende keer meer.